Drukkersmaterialen

Na het vertrek van de laatste drukker bleven honderden materialen achter in de Officina. Het zijn tastbare getuigen van het intensieve ambacht dat drukken ooit was. Tegelijk levert het arsenaal loden letters, matrijzen, stempels, houtsneden en kopergravures hét bewijs voor de revolutionaire aanpak van Plantijn en de Moretussen. Na 300 jaar intensief gebruik is de collectie sinds 1877 een onmisbare tijdscapsule van de wereldwijde drukgeschiedenis. 

Drukkersmaterialen

Loden letters

Wie hier drukwerk bestelde, had keuze uit een hele reeks lettertypes. Plantijn ging er prat op meteen de laatste nieuwe typografieën in huis te halen en hield de markt dan ook nauwgezet in de gaten. Niet enkel met het oog op Nederlandse, Franse en Latijnse publicaties, ook voor uitgaven in het Grieks, Spaans, Hebreeuws, Duits, Italiaans, Oud-Syrisch en Aramees. 

Claude Garamond, Guillaume Le Bé, Robert Granjon, Ameet Tavernier en Hendrik van den Keere: om topkwaliteit te garanderen, werkte Plantijn met de meest befaamde Franse en Zuid-Nederlandse lettersnijders. Ze sneden elke letter handmatig en in spiegelbeeld uit een stalen staafje. Zo ontstond een stempel die ze vervolgens in een matrijs sloegen. Die plaatsten ze in een gietfles waar ze gesmolten lood in lepelden. Eens afgekoeld, was de ‘drukletter’ klaar voor gebruik. Vanaf 1622 had de Plantijnse drukkerij haar eigen meester-lettergieter in dienst. 

Zetten, inkten en drukken

Tonnen loden letters liggen nog altijd netjes opgeborgen in grote kasten en voorraadpakjes. Het zijn stille getuigen van een tijd waarin drukken nog een echt ambacht was. En geschoold werkvolk vakkundig de puntjes op de i zette met behulp van zethaken, galeien, inkttampons en natuurlijk de drukpersen zelf. 

Eerst was het de beurt aan de zetters. Met vaste hand haalden ze letter na letter uit de kast, om die ondersteboven en in de juiste volgorde in de zethaak te plaatsen. Elke nieuwe regel bonden ze vast op houten galeien, die met meerdere tegelijk ingekooid werden tot een vorm. Terwijl de inkter de letters met een tampon inktte, bracht de drukker de pers in beweging. Het woord rolde letterlijk van de plank. 

Houtblokken

Ruik jij dat ook? Het is de geur van inkt vermengd met houtstof. Afkomstig van de meer dan 14.000 houtblokken. Zorgvuldig uitgesneden, zwart aan de randen, vol sporen van gebruik. In de drukkerij van Plantijn brachten ze boeken tot leven met illustraties van planten, symbolen, heiligen en sierlijsten. Ze verschenen samen met de tekst op papier, in een en dezelfde drukbeweging. 

Vooral de botanische blokken springen in het oog: 4.000 gedetailleerde afbeeldingen van planten, speciaal gemaakt voor de boeken van Dodoens, Clusius en Lobelius. Verder omvat de collectie ook religieuze voorstellingen, wiskundige schema’s, emblemen, initialen en ornamenten. Wist je dat het museum ook 1.600 blokken van moderne kunstenaars bezit? Ze maken deel uit van het Prentenkabinet. 

Koperplaten

Plantijn had een neus voor nieuwigheden. Lang voor er sprake was van fotografie, ging hij op zoek naar manieren om de beelden in zijn drukwerk zo gedetailleerd mogelijk weer te geven. Het leidde hem naar een techniek met koperplaten, waarbij fijn gegraveerde lijnen in het metaal inkt vasthielden om zo scherpe en rijke illustraties op papier te drukken. 

In het museum liggen meer dan 6.000 van deze platen opgeslagen. Ongeveer de helft werd effectief gebruikt voor uitgaven van de Plantijnse drukkerij. Het andere deel vertelt verhalen van kunstenaars door de eeuwen heen, verzameld door het Prentenkabinet. Samen vormen ze een tijdloos spoor van innovatie, vakmanschap en artistiek vernuft. 

Contacteer de conservator

Wie zorgt vandaag voor de collectie drukkersmaterialen?