Paniek in de stad

Gevangenen ontsnappen door nalatige cipier

Cipier Jaques Fremont zal het zich nog lang beklagen. Hij hoopte op een rustige avond thuis met zijn familie. Ook al was hij deze avond van dienst in de gevangenis het Steen. Vlak na zijn vertrek zagen de gevangenen hun kans schoon om te ontsnappen.

Met acht waren ze, de achtergelaten gevangenen. Toen cipier J. Fremont zijn post verliet slaagden de buiten- en binnenportier van de gevangenis er niet in om hen tegen te houden. Ze verplichtten de portiers onder dwang de poort naar hun vrijheid wagenwijd te openen. De alomgekende Jan Claessen is één van de acht ontsnapte gevangenen. De anderen heten  Hector Lommelino, zijn dienaar Philips, Abraham Bernaertssen, Bonaventura van Oncle, Daniel de Grauwe, Hans Fonteney, en Jan Felten de Ghinter. Gevangenen én cipier hangt nu een proces boven het hoofd.

Antwerpen, 16 januari 1608

 

Het gebod

nr. A 1843/II:437, L 376

16 januari 1608, Jan I Moretus, Antwerpen
nr. A 1843/II:437, L 376 (6 kopies)
Lees de transcriptie hier >

Samenvatting

Om een onbekende reden verlaat de cipier van het Steen, Jacques Fremont, zijn werkpost samen met zijn familie. Alle gevangenen zijn ontsnapt. Sommigen zitten vast voor criminele feiten, anderen omwille van burgerlijke misdrijven. Het stadsbestuur doet een dringende oproep aan de cipier en de voortvluchtige gevangenen om zich aan te melden wanneer de heren rechtspraak houden. Buiten Jacques Fremont als cipier, gaat het om Hector Lommelino, Philip, dienaar van voorgaande, Jan Claessen, Abraham Bernaertssen, Bonaventura van Oncle, Daniel de Grauwe, Hans Fonteny en Jan Felten de Ghinter. Elke burger of inwoner wordt verboden onderdak te verlenen aan de gevluchte gevangen.

Getekend: Goris Kieffelt, stadssecretaris. 16 januari 1608.

 

Wist je dat

Geboden en uitgeroepen door…

De geboden zijn de besluiten van het Antwerpse stadsbestuur, met name de schout, onderschout, burgemeesters, schepenen en de raad.

De schout is de vertegenwoordiger van de “Heer”, de hertog van Brabant. Hij behandelt alle criminele feiten. De onderschout treedt op als zijn plaatsvervanger. De binnenburgemeester wordt gekozen ‘binnen’ de groep van schepenen. De aanstelling van de buitenburgemeester gebeurt ‘buiten’ deze groep. Vaak is de buitenburgemeester een oud-schepen. Zijn voornaamste taak is om de Stad te vertegenwoordigen bij het centrale bestuur in Brussel.

Voor 1576 en na augustus 1585 is ook de gouverneur vermeld, aangesteld door het Spaanse gezag om de stad te controleren.

Museum Plantin-Moretus
Unesco werelderfgoed

Meld je aan voor onze nieuwsbrief